';
Zero-tolerance voor de VN toespraak van Ahmadinejad

Nu de introductie van een Iraanse atoombom in het Midden-Oosten aanstaande dreigt te zijn, bieden de conferenties van de komende weken het Westen mogelijk de laatste kans om het tij te keren. De politiek van geduld voor Teheran is failliet en de tijd is gekomen voor een zero-tolerance beleid.

Donderdag zal de Iraanse president Mahmoud Ahmadinejad de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties in New York toespreken. Zoals ieder jaar zal hij de gelegenheid ongetwijfeld aangrijpen om de westerse samenlevingen te veroordelen voor hun vermeende corruptie door zionistische propaganda. Waar Ahmadinejad het recht heeft om te spreken, behouden zijn toehoorders het recht om niet te luisteren. Zoals afgelopen april in Genève, zou een massale uitloop van diplomaten bij de toespraak van de Iraanse president onomwonden duidelijk maken dat de wereld zijn uitwassen beu is. Die toon is reeds gezet met de kritiek die Russische, Amerikaanse en Europese beleidsmakers hebben geuit nadat Ahmadinejad afgelopen vrijdag wederom de Holocaust bagatelliseerde. Minister van Buitenlandse Zaken Maxime Verhagen, die al langer een hardere aanpak van Iran najaagt, kan deze uitingen als een opsteker beschouwen om zijn lijn voort te zetten.

Een krachtige veroordeling van Ahmadinejad is ook een steun in de rug van de Iraanse oppositie, die sinds de vervuilde verkiezingen van juni wordt onderdrukt. Dit zou tevens de westerse onderhandelingspositie versterken voor volgende week, wanneer overleg plaatsheeft tussen Iran en de P5+1 (de VS, Frankrijk, Groot-Brittannië, China, Rusland en Duitsland). Als Iran doorgaat met haar nucleaire programma moet de internationale gemeenschap haar onmiddellijk zwaardere sancties en een boycot van benzineleveringen opleggen. Dit zijn stappen waartoe de Franse president Nicolas Sarkozy zich begin deze maand al bereid verklaarde en waarover tijdens de G20 top in Pittsburgh deze week consensus bereikt kan worden.

Om het geduldige beleid dat het Westen totnogtoe heeft gevoerd nog langer te volgen is blind te zijn voor de zorgwekkende signalen. De Iraanse onwil tot een vergelijk te komen werd nogmaals pijnlijk duidelijk toen de deadline van 15 september die de VS hadden gesteld verliep. Toen Barack Obama begin dit jaar president van de VS werd nodigde hij Teheran uit tot onderhandelingen over haar nucleaire programma. Geconcludeerd kan worden dat Obama in dezelfde val is gelopen als zijn Europese collega’s, die al sinds 2003 zonder resultaat met de Iraniërs onderhandelen. Inmiddels zijn we ruim een half jaar dichter bij een Iraanse atoombom, die volgens donkere voorspellingen al in 2010 een realiteit zou kunnen zijn.

De dreiging neemt niet alleen toe omdat Iran steeds dichter bij een nucleair arsenaal komt, maar ook omdat de Israëlische regering het vertrouwen verliest in een daadkrachtig optreden van de internationale gemeenschap. Israël, dat een nucleair Iran als een bedreiging voor haar bestaan beschouwt, heeft meerdere malen aangegeven een preventieve aanval te overwegen. Nu de tijd op lijkt te raken hinten de Israëli’s in toenemende mate dat het Westen hen geen andere keus laat dan in actie te komen. Met dit doel bracht Israël afgelopen juli onder het oog van de wereld oorlogsschepen in positie op de Rode Zee. Tevens bezochten Israëlische leiders Moskou recent om een levering van Russische S-300 luchtverdedigingsraketten aan Iran te voorkomen. Zij slaagden er echter niet in het Kremlin te overtuigen.

Een Israëlische aanval is een optie waar niemand op zit te wachten. De operatie zou kunnen mislukken, zou tot een grotere oorlog in de regio kunnen leiden, de olieprijs tot recordhoogten kunnen opdrijven, en een nieuwe economische crisis kunnen veroorzaken. Het is aan de leiders in Brussel en Washington om dit te voorkomen.

Iran is bovendien niet het probleem van Israël alleen. In de Islamitische Republiek worden minderheden en de oppositie op brute wijze onderdrukt. Het is een land waarvan de leiders geloven in een heilige missie die het hen onmogelijk maakt vreedzaam naast het ‘decadente en corrupte Westen’ te bestaan. Ahmadinejad en de zijnen beschikken al over de wapens om Europa aan te vallen. Dit wordt alleen maar dreigender als ze eenmaal nucleair bewapend zijn. Verder zou er een nucleaire wapenwedloop met de Arabische staten kunnen ontstaan in één van de meest licht ontvlambare regionen ter wereld. Europa en de Verenigde Staten zijn het aan hun burgers en hun stand verplicht dit probleem niet aan de Israëli’s te laten.

Economische crisis of geen, de bescherming van mensenrechten en veiligheid zijn verantwoordelijkheden die de Westerse overheden zich niet kunnen veroorloven te verzaken. Het is nu tijd dat de dreiging van een nucleair Iran en een nieuwe oorlog in het Midden-Oosten serieus genomen wordt. Voordat er geen tijd meer is.