';
“Homobelang is heterobelang”

Amsterdam staat voor een sleutelmoment: Ze is niet langer de homohoofdstad die ze vroeger was en homo’s en lesbos voelen zich niet meer veilig in de stad. De vraag die werd gesteld was verraderlijk simpel: wat is er nodig om dit te veranderen? Wethouder Ossel van diversiteit heeft Stichting ProGay de opdracht gegeven om een conferentie te organiseren waarbij alle professionals, organisaties en betrokkenen waren uitgenodigd om antwoord te geven op die vraag. Uit de conferentie kwam een duidelijk verhaal: Veiligheid is een essentiële voorwaarde om Amsterdam weer homohoofdstad te laten worden, sociale acceptatie en kwaliteitsverbetering in de horeca is nodig om Amsterdam homohoofdstad te laten zijn. Om de homo-infrastructuur te versterken, moeten er een Roze Huis en een Museum voor Homoseksualiteit en Maatschappij komen. Algemene evenementen zoals Sail, Uitmarkt en Holland Festival moeten meer verbindingen gaan leggen met de homogemeenschap en in het horecabeleid moet speciale aandacht zijn voor de specifieke eisen van homo-horecagebieden. Kort door de bocht gezegd; Het heeft geen zin om een forse investering te doen in homotoerisme als deze toeristen zich vervolgens niet echt vrij kunnen voelen, het klinkt hol als je claimt homohoofdstad te zijn als homo’s uit huis worden getreiterd en lesbiennes nog steeds worden lastiggevallen door mannen die ‘mee willen doen’.

Om sociale acceptatie en veiligheid te verbeteren moet er worden ingezet op Gay Straight Allianties, waarbij homo’s en hetero’s samen op het werk, in de sport en op school in een vereniging zich samen inzetten om de homovriendelijkheid te verbeteren. In de stad worden zogenaamde Pink Codes opgericht, waar homo’s en lesbos in hetzelfde postcodegebied samenkomen in een buurtvereniging, in navolging van de twee uiterst succesvolle Pink Codes die reeds bestaan. In deze vereniging kunnen zij activiteiten in de buurt oprichten die kunnen variëren van op elkaars plantjes en huisdieren passen tot buurtbarbecues waarbij heteroburen ook worden uitgenodigd. Maar het belangrijkste is de solidariteit en het gevoel niet de enige in de buurt te zijn die er vanuit gaat. Samen staan we sterk.

Veel homo’s en lesbos dachten dat het na de wettelijke bescherming en de openstelling van het burgerlijk huwelijk wel klaar was met de homo-emancipatie. Daardoor is de onderlinge solidariteit en organisatie tamelijk zwak. Het homomuseum moet bewustwording bij zowel hetero’s als homo’s bewerkstelligen waarom het ook al weer zo goed was wat we in Nederland hebben bereikt, en wat er nog gedaan moet worden. Het is een levend centrum van inspiratie, van lessen en hoop voor de toekomst. Niet in de laatste plaats voor buitenlandse activisten die nog een strijd te voeren hebben. Het Roze huis moet uitgroeien tot een plek waar organisaties die nu nog langs elkaar heen werken, samen kunnen komen en werken.

Het antwoord op de twee uitdagingen, veiligheid en Amsterdam als homohoofdstad, is dat er een mentaliteitsverandering moet komen. Niet langer moet alleen worden ingezet tegen uitingen van haat en uitsluiting. Het besef dat hetero’s profiteren van de aanwezigheid van trotse homo’s moet worden uitgedragen. De stereotypering waar homo’s en lesbo’s tegen strijden raken hen net zo goed. Hetero’s profiteren van een omgeving waar het normaal is om een karakter te hebben die buiten de stereotype vrouw of man valt. Het is normaal als een man zijn kind van school haalt, het huishouden doet of een luier verschoont. Het is goed als een vrouw directeur is, of automonteur.

Binnen verschillende etnische of religieuze gemeenschappen worden homo’s met de nek aangekeken en uitgesloten. Zij doen er goed aan te beseffen dat dit onacceptabel is. Niet langer vragen we om geaccepteerd te worden. We hebben er recht op en moeten het eenvoudigweg krijgen. Zo zijn ook etnische minderheden afhankelijk van het tolerante klimaat waar homo’s van profiteren. “Als een homo wordt gepest, wordt ook een meisje met rood haar benadeeld en wordt ook een Marokkaanse jongen bij de discotheek geweigerd. We laten zien dat ons belang ook het belang van de ander is. Amsterdam moet een stad worden waar iedereen zelf het belang ziet van de toegevoegde waarde van homoseksualiteit. Dan gaan we echt sprongen vooruit maken als het gaat om sociale acceptatie en Amsterdam als Gay Capital. Homoseksualiteit is niet iets van homo’s alleen. Een samenleving waar homoseksualiteit als positieve waarde wordt gezien, is een samenleving waar anders zijn positief wordt ervaren. En dat is een samenleving waar innovatie, creativiteit en persoonlijke groei en ontwikkeling centraal staan. Waar economie wordt gestimuleerd en kwalitatief betere besluiten worden genomen. Het is een maatschappij die voor iedere burger beter is. Homo of hetero. Het maakt niet uit. Het homobelang is het heterobelang Dat is de boodschap die we zullen uitdragen en dat is het sociaal klimaat dat we zullen bewerkstelligen.” aldus ProGay voorzitter Frank van Dalen.